Mijn mond vol veranderkundige tanden in de stiltecoupé? Ik wil storm na stilte.

    door Hans Rozemuller

    Als veranderkundige hoef ik meestal niet zo lang na te denken hoe ik me in een stevige discussie meng. Ook in een stiltecoupé stort ik me het liefst direct tussen kibbelende passagiers, met als lonkend perspectief een momentje openbaar vervoer, waarin we elkaar iets gunnen. Maar in de stiltecoupé wordt ik juist stil. Kan ik geen interventie verzinnen en duik ik het liefst diep in mijn krant. Dat overkomt me trouwens tegenwoordig ook bij discussies over beledigende cartoons versus de vrijheid van meningsuiting. Wie helpt mij met ideeën om het weer te laten stormen met interventies na de stilte?

    De stiltecoupé

    strip stilteSoms pak ik wel eens de trein. Vaak beland ik dan onbewust in een stiltecoupé. Voor de trein in beweging is begint het vaak al. Ik hoor een gesprek ergens links van me en direct hoor ik al een geïrriteerd klinkend stemmetje: “ Sssssttt, dit is een stiltecoupé”. “Groot gelijk. Als we er niks van zeggen wordt het in Nederland een zootje”. “Waar bemoei jij je mee, chagrijn”. “Nou, een beetje respect mag wel hoor”. “Zeikerd, bemoei je met je eigen”. “Nou mooi niet, jullie horen stil te zijn in een stiltecoupé”. “Puh, in Nederland hebben we het recht van vrije meningsuiting en ik heb zin om nu wat te uiten”. Soms bekoelt het en soms eindigt het in fysiek geweld. Steeds probeer ik er in te springen, maar vaak komt er slechts een diepe zucht. Verborgen achter mijn krant.

    Verhuftering of betutteling?

    Toen ik wat meningen probeerde op te zoeken over oplossingen voor deze strijd kwam ik 2 overheersende gezichtspunten tegen. Verhuftering en betutteling. Verhuftering lijkt een gevolg te zijn van het meer en meer denken vanuit eigenbelang en hierdoor steeds minder respect voor belangen van anderen. Het egocentrische denken is vaak zo sterk, dat andere belangen niet eens meer opgemerkt worden. Zodra iemand dan wel zijn belang benoemt wordt fel gereageerd. Zo fel dat de betiteling hufterig wel verdiend is. Betutteling komt voort uit het willen hebben of behouden van als prettig ervaren omstandigheden, door het opleggen van beperkingen. Zodra iemand de voordelen niet ervaart, maar wel de nadelen van de beperking wordt direct geageerd. Zij die voorstander zijn benadrukken dat zij recht hebben op bijvoorbeeld stilte en vanuit een slachtoffer denken vragen zij dan om extra controle op het handhaven van de beperkingen.

    Deze tegenstelling is de bijna klassiek botsing van positieve vrijheid en negatieve vrijheid (Isaiah Berlin). Positieve vrijheid ontstaat als men kan denken en doen vanuit de vrije wil. Niemand stopt mij in mijn wil om wat dan ook maar te doen. Negatieve vrijheid ontstaat als men in het denken en doen niet onderdrukt of belemmerd wordt of wil worden door anderen. In de stiltecoupe lijkt het positieve vrijheidstreven en de negatieve vrijheidsstreven over elkaars grenzen te gaan.

    Dit maatschappelijke schuren in de stiltecoupé lijkt overigens veel op de schurende discussies over de zin van cartoons van Charlie Hebdo en het al of niet mogen uitspreken dat je last hebt gehad van Marokkaanse jongeren. Hufterig gedrag en betutteling alom. Nog complexer wordt het als er een aanslag op Charlie Hebdo wordt gepleegd. Dan worden kwetsende cartoons een schande en een basisrecht tegelijk. Als de PVV meer of minder roept, is het plotseling niet altijd zo okay om die specifieke overlast bezorgende groep bij naam en nationaliteit te noemen. Zo is je mening over een stiltecoupe ook weer anders als je in de spits reist.

    Gebrek aan vrijheid of te weinig kunde. Wie helpt mij aan ideeën?

    Ik krijg het gevoel dat ik de vrijheid om een mening te hebben en daar naar te handelen zelf niet meer heb. Wil ik positieve vrijheid of juist negatieve vrijheid. En waarom wil ik dan soms ruimte en de andere keer bescherming? Ontbreekt het mij aan moed of interventierepertoire om deze maatschappelijke problemen te helpen oplossen, of zie ik de mogelijkheden gewoon niet?

    Hans Rozemuller is projectmanager bij Van Aetsveld. Hij is gespecialiseerd in het laten slagen van projecten die als organisatorisch complex betiteld worden. Projecten waarin je opdrachtgever op je inzicht en interventierepertoire moet kunnen vertrouwen en bouwen. Je voor je teamleden een inspirerend leider en pragmatisch ondersteuner bent en volop op de werkvloer tussen de echte klanten staat. Zijn ervaring als interventiekundige past hij ook toe in maatschappelijke uitdagingen.